Siri, Vul De Lege Plekken In Mijn Hoofd Aan

Het internet is als een spierwitte expositieruimte. Je mag je schilderijen best ophangen, maar alleen in bepaalde afmetingen en in de daarvoor bestemde gebieden.  En raak daarna alsjeblieft de kunstobjecten niet meer aan.

Wat doet het met je hersenen als je wordt gedwongen om je te voegen naar de regels van het nieuwe, schone web, het Web 2.0, zoals het ooit zo enthousiast werd aangekondigd? Waar gaat het naartoe, en hoe kun je je ertegen verweren?

Gecureerd
Tarleton Gillespie stelt dat het beheer van de content een van de kernelementen is van wat sociale media te bieden hebben, en hoe ze zich ten opzichte van elkaar positioneren. Sociale media, zo schrijft hij, kwamen voort uit de prachtige algehele chaos van het wijde web. Platforms lijken de mogelijkheid te bieden om die chaos te temmen door middel van behapbare sjablonen, geordende protocollen, en gecureerde content.

(Overigens munten sociale media vooral uit in het falen om die content te temmen, in elk geval waar het gaat om betamelijkheid van wat er wordt geplaatst.)

Het platform is natuurlijk de eerste partij die baat heeft bij het verhapstukken van al die content tot voorgekookte brokjes, die makkelijk in een machine kunnen worden ingelezen. Neem emoji op Facebook, of smileys, zoals ik ze – kind van de jaren ’00 – blijf noemen. Susanna Paasonen betoogt dat ze erop gericht zijn om de ‘emotionele dynamiek’ van online gedachtenverkeer nog beter te kunnen kwalificeren. Het belangrijkste doel is om die gegevens in te zetten ten behoeve van die vermaledijde waardecreatie.

Enerzijds gebeurt dit doordat commerciële partijen ermee geholpen zijn bij het finetunen van hun gepersonaliseerde reclame, anderzijds door de berichten in de newsfeeds te filteren op basis van content die volgens eerdere resultaten waarschijnlijk in goede aarde zal vallen, en jou verleiden om nog een paar seconden te blijven hangen op die tijdlijn..

Hoe socialemediaplatforms orde scheppen – de regels die ze opstellen voor de content, evenals de middelen, werkzaamheid, en consistentie waarmee ze worden opgelegd – maken deel uit van de algehele ervaring die je meekrijgt op het moment dat je op het platform zit. De experience.

Websites zijn dus niet alleen het kader, ze zijn ook spelbepaler: zij bepalen hoe jouw interactie vorm krijgt. Je wordt automatisch aangevuld als de algoritmes denken dat ze je op het spoor zijn.

Ook WordPress, de hostingsite van deze pagina, maakt zich er schuldig aan, als je wat HTML -code probeert te schrijven en er zit een kleine verschrijving in, of het lijkt naar een veelgebruikte code te neigen.

Alsof je een klein beetje stottert, en je hebt te maken met een gesprekspartner die al je woorden en zinnen…

$blogtitle
Sterker nog: tegenspraak wordt soms überhaupt niet geduld. Neem <$blogtitle>, een project van de internetartiest ‘jodi’ (kleine letters), bestaande uit de uit elkaar getrokken broncode van een bloggersite. Hiermee wil jodi de nadruk leggen op de techniek achter het medium, en de kijker zodoende dwingen om het instrument niet langer als standaardiserend vehikel te beschouwen, maar als een technologie met haar eigen waardensysteem die binnen een bepaalde sociale realiteit opereert.

Onbedoeld demystificeerde jodi met het project het vermeend democratische karakter van Blogger, toen de moedersite waarop de blog wordt gehost (die uiteraard weer eigendom is van oermoeder Google) maar liefst 7 van de 22 blogpagina’s blokkeerde. Dit maakte duidelijk dat bloggers zich voegen naar een ingebouwd systeem, en dat ze niet volledig onder hun eigen bevoegdheid opereren.

Bovendien wordt het systeem geregeld door het geloof (dat zowel door de makers van de technologie wordt aangehangen als door de conventionele gebruikers en hun publiek) dat de software alleen gebruikt kán worden om conventioneel geformatteerde kennis te delen. Bloggers die zich niet naar die conventies voegen, lopen grote kans om geblokkeerd te worden, of volledig van de overkoepelende blogosphere zoals die door het handjevol Bloggers en WordPressen van deze wereld wordt vormgegeven te worden verwijderd.

Noem het een tikje activistisch – prikkelend is het in elk geval.

Ontscholing
Dat auto-aanvullen wordt steeds verder op de spits gedreven, en rukt ook op buiten het HTML-domein. Recentelijk leidde het initiatief van Google om op Gmail automatische reacties op basis van de content van ontvangen mail te suggereren tot een stroom aan geesteswetenschappelijk getinte thinkpieces, doorwrochte kunststukjes die probeerden te duiden wat dit voor gevolgen dit kon hebben voor ons brein.

Nou, gevolgen heeft het zeker. Zo beschrijft Rob Horning dat de nieuwe functionaliteit van Gmail een vorm van deskilling is, of ‘ontscholing’. Het vormt de uitbesteding van een weerbarstige verknoping in ons brein die de aanvaardbaarheid van wat we zeggen beoordeelt, voordat we het invoeren in de interface. Auto-aanvullen beloont non-reflexieve actie, oftewel posten zonder na te denken, en het legt zodoende een vorm van behaviorisme op die de intentionele kant van je reactie tenietdoet.

Op zijn beurt leidt dit tot weinig wenselijke effecten. Joshua Rothman beschrijft de feedbackloop die hierdoor op gang komt, die bepaalde tropen versterkt en naar de voorgrond duwt: de maar al te bekende clichés van de sociale media. Als we foto’s hebben aanschouwd die er op een bepaalde manier uitzien, dan maken we de aanschouwde kenmerken ons eigen. En dat werkt performatief: op een goed moment wordt die werkelijkheid voor ons ‘echter’ dan de onvoorspelbare chaos die de werkelijkheid eigenlijk voor ons in petto heeft. We komen in de situatie waarin we ‘realiteit’ als een bepaalde reeks patronen beschouwen – eigenlijk net zoals machines dat doen.

Motorkap
Hoe kom je hiertegen in het geweer? Gelukkig: niets is perfect, zo ook niet de keurige witte muren van het gecureerde wijde web. De goede verstaander ziet altijd nog de scheuren in de muren, die niet alleen een glimlach ontlokken, maar ook dwingen tot reflectie op de webpagina: wat krijg ik te zien, wat schuilt er achter die hagelwitte muren?

Het inmiddels terziele Damn You Autocorrect was hier een goed voorbeeld van. Het gaf een bloemlezing van autocorrecties die telefoons aanboden, die grandioos (en vaak een beetje prematuur) uit de bocht vlogen, zoals circumstances naar circumcisions, of titties in plaats van kitties.

Het leuke hiervan is dat het je er – per abuis – van doordringt dat er niet een vriendelijke dienstverlener achter een toonbank zit die je wegwijs maakt op de website waar je je bevindt. Het zijn eenvoudigweg de veelbesproken ingeregelde codes, scripts, en functies, die hun koude, onpersoonlijke handelingen verrichten.

En onder de motorkap is het natuurlijk altijd het leukst.