Categorieën
Blog

Hoe weet je het antwoord op elke quizvraag?

Stel: je neemt deel aan een quiz en je wilt geen enkel fout antwoord geven. Kan dat? En wat zijn dan manieren om je voor te bereiden op de vragen die kunnen komen? In dit artikel deel ik een paar strategieën, aan de hand van mijn eigen quizervaringen.

Het gaat je niet lukken

Ik val maar met de deur in huis: zet het uit je hoofd. Je gaat niet het antwoord op elke quizvraag paraat hebben.

Dit is te illustreren met een rekenvoorbeeld (ik hou wel van rekenvoorbeelden). Laten we aannemen dat je meedoet aan een Nederlandse kennisquiz met twaalf open vragen met een eenduidig juist antwoord. Allerlei algemene en specifieke kennis kan worden bevraagd. Volgens het meest recente meetmoment dat ik kon vinden (2019) telt de Nederlandstalige Wikipedia ongeveer 2 miljoen artikelen. Omdat die artikelen allerlei algemene en specifieke kennis bevatten, nemen we voor het voorbeeld aan dat jouw twaalf vragen willekeurig van de Nederlandstalige Wikipedia zijn geplukt.

Om de kans te berekenen dat je alle twaalf vragen uit het hoofd goed beantwoordt, moeten we aannemen dat je voor elk artikel het goede antwoord paraat hebt. De kans dat je alle twaalf vragen goed hebt, is dan 112= 1 (100%).

Het is realistisch om aan te nemen dat je van een bepaald percentage van de artikelen het antwoord 100% zeker weet, laten we zeggen van 10.000 artikelen, als je een beetje algemene ontwikkeling hebt.1 Dan is de kans op één willekeurige vraag goed:

De kans om twaalf vragen op rij goed uit het hoofd te beantwoorden is dan:

Dit getal is om en nabij de 0%. Dus op papier zijn de kansen om alles goed te hebben klein. Ter vergelijking: de kans dat je 75 keer achter elkaar kop gooit met een muntstuk, is groter.2

Om voorbereid te zijn op alle mogelijke vragen, zou je bij elk van de 2 miljoen artikelen het goede antwoord paraat moeten hebben. Stel dat je gemiddeld één minuut besteedt aan het doorgronden van elk Wikipedia-artikel, dan ben je in totaal 2 miljoen minuten bezig, oftewel 3,8 jaar onafgebroken. Als je knettergemotiveerd bent en elke dag vier uur oefent (naast de rest van je leven), dan ben je 15 jaar bezig met oefenen.

En dan heb je dus pas alles ingestudeerd en nog niet herhaald. Dat laatste is helaas essentieel om het antwoord paraat te hebben op het moment suprême.3

Ik wil maar zeggen: er zijn weinig mensen die zoveel tijd van hun leven (kunnen of willen) spenderen ter voorbereiding op een quiz. En als die wel bestaan, dan zouden zij hun tijd op deze aarde echt zinvoller moeten besteden.

Alle vragen uit het hoofd goed gaat dus niet lukken. Maar met wat inspanningen kun je heus beter worden in quizzen. Met die insteek ga ik hieronder verder.

Formatief quizzen

Ik heb mezelf voorbereid op quizzen door heel veel formatief te gaan quizzen. Formatieve toetsing heeft in het onderwijs tot doel om het leerproces van de student te bevorderen en in elke fase van het leerproces feedback en bijsturing te geven. Bij formatieve toetsing staat het leren centraal en niet de beoordeling. De beoordeling wordt tijdens de tegenhanger van de formatieve toets gedaan: de summatieve toets.4

Formatief toetsen voor deelname aan een algemene kennisquiz kan op allerlei manieren. Ik heb de app van De Slimste Mens gespeeld, maar ik heb me ook kostelijk vermaakt met de General Knowledge Quiz, die erg goed in elkaar zit, maar mij ook ernstig met mijn tekortkomingen confronteerde en niet goed werkte om een groeimindset vast te houden.

Deze vormen van formatief quizzen waren mij echter te vrijblijvend. Het leereffect is bovendien beperkt, omdat ik telkens alleen maar aan nieuwe vragen werd blootgesteld. De kans dat je de juiste antwoorden die je niet kent meteen opslaat in je langetermijngeheugen is helaas erg klein.

Hoe en waar verzamel je quizvragen?

Gelukkig heb je ook allerlei apps die herhalend leren op een gegamifiede manier aan je voorschotelen. Hierbij denk ik in eerste instantie aan Duolingo, maar er zijn vast legio andere voorbeelden.

Omdat ik liever zelf grip wilde houden op mijn leerproces en dit niet wilde uitbesteden aan een app, toog ik zelf aan de slag met het verzamelen van quizvragen en -antwoorden waar ik het antwoord op paraat wilde gaan hebben. Zo ontstond een lange lijst met concepten die ik kon gaan stampen om mijn algemene kennis op te krikken.

Hoe kwam ik aan concepten voor deze lijst?56

  • De actualiteit. Nieuwsberichten scannen op namen en onderwerpen die nog wel eens van pas komen. Medische vondsten, bekende personen die overlijden, grondstoffen die schaars worden.
  • TV-quizzen. Per Seconde Wijzer, Met Het Mes Op Tafel, 2 voor 12, De Slimste Mens. En dan primair de antwoorden die ik zelf voor de televisie niet paraat had.
  • Wikipedia. Daar is-ie weer. Met name de eindeloze stromen met categorieën ploegde ik door. Er is overigens een hele subcultuur rond Wikipedia-categorieën, en er is zelfs een spel – The Wiki Game – dat op het principe van categorisering is gebaseerd.
  • Het stratenplan van mijn woonplaats. Straatnamen zijn ooit bedacht door een verzameling personen, en die namen vormen toch een soort een benadering van wat door kan (of kon) gaan voor waardevolle kennis. Sterrenstelsels, wetenschappers, verzetsstrijders, veldslagen, vogelsoorten? Er is van alles te vinden in je eigen stad. En je leert ook nog eens wat bij over je omgeving, om mensen mee lastig te vallen tijdens een ommetje door de buurt.
  • Verwante begrippen. Niet alleen antwoorden op vragen die her en der worden gesteld, maar ook antwoorden op verwante vragen die gesteld kunnen worden, kwamen op mijn lijst. Doordat ik bijvoorbeeld een vraag voorbij hoorde komen bij 2 voor 12 over Torx-schroeven, ging ik zoeken in de marge en nu weet ik het verschil tussen een drevel en een doorslag. Je weet immers maar nooit of ze het gaan vragen.

Hoe formuleer je een quizvraag?

Hoe kwam ik van een concept naar een geschikte vraagstelling om formatief te quizzen? Ik ben ervan uitgegaan dat een goede quizvraag twee kenmerken heeft:

  1. Er is maar één juist antwoord op de vraag te geven.
  2. De vraagstelling bevat aanwijzingen om op het enige juiste antwoord uit te kunnen komen.

Elke vraag kreeg de vorm van wat in de linguïstiek een information gap task wordt genoemd: vul het concept in dat op de puntjes hoort. Een paar voorbeelden van recente nieuwsfeiten:

  • De Australische schotelde haar voormalige schoonfamilie in 2025 een lunch van giftige paddenstoelen voor.
  • (Pasinler, Erzurum, 27 april 1941 – Pennsylvania, 20 oktober 2024) was een invloedrijke Turkse islamitische denker en geleerde. Van 21 maart 1999 tot aan zijn dood op 20 oktober 2024 leefde … in ballingschap in Saylorsburg in de Amerikaanse staat Pennsylvania. Turkije verdenkt hem ervan het brein te zijn achter de mislukte staatsgreep van 2016 en had daarom de Amerikaanse regering verzocht om zijn uitlevering. Zelf verklaarde hij niet betrokken te zijn geweest. Hij was oprichter van de gelijknamige beweging.
  • -vanadiumstaal is een legering van staal die naast het gebruikelijke koolstof ook … en vanadium bevat. Deze elementen zorgen er voor dat het staal harder wordt, en daarmee de kwaliteit bevorderen. Tevens zorgt het … er voor dat het staal beter beschermd is tegen corrosie en oxidatie. …-vanadiumstaal wordt onder meer toegepast in gereedschappen zoals moersleutels en ratels.

Enzovoort, en zo verder. En je kunt ook variëren binnen hetzelfde informatieblok, zodat je meerdere onderwerpen bevraagt binnen dezelfde context. Er is immers ook een wetenschappelijke onderbouwing voor de hypothese dat je effectiever leert door verbanden tussen concepten te leggen.

Slot

Zo kun je je kennis dus een beetje bijspijkeren. Maar nogmaals: het gaat je niet lukken om alles paraat te hebben. Als je alle Nobelprijswinnaars paraat hebt: knap. Maar dat is dus slechts een fractie van een fractie van een fractie van alle mogelijke vragen die je kunt krijgen.7

Zelf kwam ik op deze manier over een periode van een paar maanden tot een lijst met zo’n 5.000 namen. Hoe hield ik mijn voortgang bij? En wat zijn inzichten die ik had bij het formatief toetsen van mijn quizkennis? Lees het snel in dit vervolgartikel.

Ik vraag geen geld voor deze blog, maar als je dit leuk of nuttig vond en me financieel wil steunen, dan mag dat natuurlijk! Dat doe je via ↗️️Buy Me A Coffee. Veel dank!

  1. Je kunt hier best tegenin brengen dat je van een deel van die overige 1.990.000 Wikipedia-artikelen best wel eens hebt gehoord. En dat zou je kunnen meenemen in een iets gelaagder rekenvoorbeeld. Maar in het algemeen geldt: ‘ergens van gehoord hebben’ is echt van een andere orde dan ‘een open vraag met 100% zekerheid goed beantwoorden’. ↩︎
  2. Je kunt erover twisten of het voorbeeld valide is, aangezien niet elke Wikipediapagina een geschikte quizvraag is (was het nou ITIL V3 of ITIL 4?). Maar ook als we het aantal artikelen beperken met de helft (dus tot 1 miljoen), neemt het percentage van 0% maar mondjesmaat toe in deze berekening. ↩︎
  3. Wil je nog meer voorbehouden horen? Wat dacht je van het aantal mogelijke vragen over de actualiteit dat er jaarlijks bij komt, maal de trainingsperiode (15 jaar)? ↩︎
  4. De summatieve toets in onze context is natuurlijk de quizdeelname zelf. ↩︎
  5. Toevallig had ik een startkapitaal van zo’n 1.000 namen uit een eerdere online spelletjes-exercitie, dus dat was alvast een begin. ↩︎
  6. Er zijn natuurlijk ook allerlei naslagwerken die je kunt raadplegen om een begrip te krijgen van bepaalde concepten. Een blik op de boekenkast bij 2 voor 12 geeft je hiervoor wat aangrijpingspunten. Omdat ik mijn gegevens echter graag digitaal beheer, ben ik weggebleven bij fysieke boeken, aangezien dat heel veel inklopwerk zou opleveren. Ik ben meer van het knippen en plakken. ↩︎
  7. Voor de geïnteresseerde: alle Nobelprijswinnaars samen zijn er een stuk of 1000. Nobelprijzen worden in vijf disciplines uitgereikt, intussen zo’n honderd jaar per discipline, met meestal twee prijswinnaars per discipline per jaar. ↩︎